Ik kom rond 12 uur in de middag aangelopen als ik de eerste schakers al zie zitten. Gelijk een groep gepensioneerden op een parkbankje in mei, zitten ze met de neus richting de zon. Het is dan ook nog aardig warm voor de tijd van het jaar. Begin oktober schijnt de zon doorgaans niet zo vaak, maar dit jaar is het anders. Ik krijg het idee dat deze mannen al een paar uurtjes op dit oude schoolplein zitten te wachten totdat ze eindelijk mogen vertrekken.
‘Twaalf uur toch?’ vraag ik nog even ter bevestiging. Want we missen toch nog een of twee spelers.
Johan komt ondertussen uit het park tevoorschijn. Kort broekje, t-shirtje, want ja … het is warm.
‘Ga je sporten, Johan? De marathon van Amsterdam is morgen pas, hoor!’
Het idee dat ik 42 kilometer en 195 metertjes zou moeten draven, drijft direct een pijnscheut in mijn rechterknie. Ben toch blij dat ik mijzelf relatief rustig achter het schaakbord kan plaatsen deze middag.
Ondertussen komt Marcel als laatste vanaf de andere kant van de Parklaan aanhobbelen. Hij lacht even en zegt: ‘Ben ik de laatste? Kunnen we vertrekken!’ Hij kijkt mij ook nog even aan. ‘Fijn dat je er ook bij bent. Sardinië was je toch? Mooi eiland, mooi eiland …’
Excuus
We zijn compleet, afgezien van Frank, want die is al in Amsterdam. Toch wel een klein barstje in de teamspirit. Later blijkt dat hij de verjaardag van zijn dochter als excuus gebruikt om niet met ons te hoeven meerijden.
Ik stap in bij Ignace en gun Marcel de passagiersstoel, waar hij natuurlijk gretig plaatsneemt. Wanneer Ignace begint te rijden, praten we uitgebreid over onze rijervaringen. Volgens Ignace heeft hij nog nooit een ongeluk gehad, maar dat kan ook te maken hebben met de reikwijdte van zijn geheugen.
Marcel bekent dat hij in zijn wilde jaren zijn eerste autootje, een Volkswagen Kever van 300 gulden, maar liefst drie keer total loss heeft gereden. Hij was daar zelf overigens telkens volledig bij aanwezig. Hij is dus niet alleen op het schaakbord een wildebras. Ik hoop alleen maar stilletjes dat hij later op de middag ook niet veel van zijn tegenstander overlaat.
Opzij geschoven
Eenmaal in Amsterdam aangekomen, blijkt het helaas niet zo stil te zijn. Het is dan ook half één ’s middags en de meeste mensen slapen nu niet.
Bij het hek van de universiteit, waar ons evenement plaatsvindt, komen we dan ook iemand tegen. De poortwachter … En de poortwachter doet netjes de poort, of in dit geval een schuivend hekwerk, dicht. Marcel draait vliegensvlug zijn raampje naar beneden en roept naar de goede man: ‘Kunt u de poort openmaken? Wij moeten hier schaken!’
De poortwachter komt naar ons toegelopen en na een flink debat wuift hij ons gedag. Er is voor ons geen plaats hier. Rechtomkeert dan maar en een betaalplaatsje bemachtigen.
Nu het duidelijk is dat er toch in de buidel getast moet worden om de auto een veilig plekje te gunnen, komt Ignace direct met de berekening van de standplaatskosten. Zeven eurootjes per uur en we staan hier zo’n 4,5 uur. Dat is toch een kleine 32 euro. Beduusd kijkt hij nog even naar de beurs in zijn hand, alsof hij aan het uitrekenen is hoeveel turven dit op de dranklijst zijn. Tja, 32 euro gedeeld door 1,20. Dat soort hogere wiskunde doe je niet zomaar uit het hoofd.
De auto van Paul staat wel op het terrein, maar is volledig ingebouwd door andere voertuigen. Ik voorzie potentiële strubbelingen voor hem op de weg terug naar huis, maar dat is van latere zorg.
Arrivé
Ondertussen is Frank ook, op de fiets, gearriveerd. Er moet iemand een groen statement maken. Het blijkt dat we inderdaad niet de enigen zijn in het gebouw, gezien de malaise op het parkeerterrein. Liefst acht teams schaken thuis en her en der wordt er in de lokalen van de universiteit lesgegeven aan kinderen die van hun ouders ook nog op zaterdag naar school moeten. Wij dringen ons naar binnen om de rest van het team te ontmoeten. We lopen de aula in en zien middels een onduidelijk geschreven briefje dat wij een etage hoger mogen spelen. Bij bovenkomst is het meteen duidelijk dat de spelers aan bord 1 en 2 zijn gepromoveerd naar een exclusieve locatie.
De tafels en stoelen staan gescheiden van de rest van de groep opgesteld, alsof er sprake is van een echtelijke pauze. De oploop naar dit plateau fungeert onmiskenbaar als barrière tussen de kopgroep op de eerste twee borden en de rest van het achttal.
De eerste duidelijke bres is in het team geslagen.
Verheven
Wel voelen wij ons, als team, verheven boven de andere achttallen, die zich gelijkvloers hebben genesteld. Maar adel verplicht, dus zullen wij nu wel aan de bak moeten! De rest van het team is er ook en we begroeten Ben, Paul, Johan en Menno hartelijk. We zijn blij dat ook zij hun tocht hebben volbracht.
Leider Frank heeft voorafgaand aan de partij dan toch nog wel wat bedenkingen. De betonnen dakdragers zijn, gezien de hoogte waarop we spelen, een stuk dichterbij gekomen. Na een kort maar grondig meetonderzoek blijkt dat de hoogte op die bepaalde plekken precies 1 meter 83 is, mijn lichaamslengte. Aangezien Frank anderhalve kop groter is, vreest hij voor blessures die vooraf niet voorzien waren. Dan maar blijven zitten.
Eenmaal achter het bord bekijkt hij de witte stukken waarmee hij ten strijde gaat trekken. Echter, zijn leger blijkt uitsluitend uit huurlingen te bestaan, precies zoals je van een vreemdelingenlegioen zou verwachten. Geknakte torens, halve paarden en pionnen van uiteenlopende lichaamskleur. Uiteraard tekent Frank meteen protest aan. Alsof zijn tegenstander Frank en zijn weloverwogen tirades kent, snelt deze weg om zijn strijders te vervangen.
We kunnen beginnen. Het verslag van de partijen kunt u lezen in het proza van Frank; daarmee zal ik u niet belasten.
Vertrokken

Marco, waar zou mijn bril zijn?
Na een uurtje of drieënhalf besluiten mijn tegenstander, een leuke jongedame uit het zuiden van België, en ik dat de strijd klaar is zonder duidelijke winnaar. Op dat moment staan wij al voor en het lijkt erop dat de nog lopende partijen van Frank en Marcel een goede uitslag van deze middag niet meer in de weg staan. Ik vertrek met stille trom naar andere etablissementen om de rest van de zaterdag te verdrinken. Pas als ik later thuiskom, merk ik dat ik mijn tasje met bril en notaties ben vergeten en heb laten liggen in Café De Zwart. De wijsheid had ik blijkbaar ook nog naast het schaakbord laten liggen.
Marco






Mooi verhaal Marco. Je bril is natuurlijk zonde maar je notitieboekje dat is een ontroostbaar verlies. Bel het café op en laat het opsturen.
Wat een mooi sfeerverslag, Marco, ik zie het helemaal voor me, haha. Mooi gedaan.
Wat n erg leuk sfeerverslag! Ga zo door dit seizoen. Er volgen nog leuke uitwedstrijden Amsterdam, Purmerend en Hoorn, dacht ik.🫣😎