Henk Hietbrink – Historische partijen op SCHAAKPOSTZEGELS

Aflevering 15 – Boris Spassky – Bobby Fischer, 5e partij W.K., Reykjavik 20 juli 1972.

Deze zegel uit Niger toont het gezicht van Fischer plus de eind stand van de 5e partij. Een partij die vooral beroemd is geworden door het onvoorstelbare slot! Niet voor niets is die laatste stand op deze postzegel vereeuwigd! Na 4 partijen was de stand 2,5 – 1,5 in het voordeel van Spassky. De heren beginnen vrij rustig met een Nimzo-Indische opening: 1.d2-d4 Pg8-f6; 2.c2-c4 e7-e6; 3.Pb1-c3 Lf8-b4; 4.Pg1-f3 [toen nog niet zo’n populaire variant, Kasparov maakte hem wel populair in zijn wk-match tegen Karpov in 1985]
c7-c5; 5.e2-e3 Pb8-c6; 6.Lf1-d3 Lb4xc3+; 7.b2xc3 d7-d6 [wit heeft het loperpaar en moet streven naar een open stelling, want “lopers moeten lopen”, aldus Tarrasch. Zwart met loper + paard moet juist een gesloten stelling bewerkstelligen]; 8.e3-e4 e6-e5; 9.d4-d5 [bij een vastgelegd centrum wordt het witte voordeel van het loperpaar behoorlijk verzwakt!]. Pc6-e7; 10.Pf3-h4 h7-h6; 11.f2-f4 [Spassky dacht over deze zet 20 minuten na, tot dan toe was f2-f3 gebruikelijker] Pe7-g6; 12.Ph4xg6 f7xg6; 13.f4xe5 [Euwe zet hier een ?: “een positionele fout, met 0-0 had wit de elasticiteit van zijn pionnenstelling kunnen handhaven] d6xe5 [Wij volgen op dit moment de analyse van Euwe: ogenschijnlijk lijkt de stand van wit het beste: gedekte vrijpion op d5; wit heeft het loperpaar; de 3e zwarte pion op de koningsvleugel heeft nauwelijks betekenis. Maar….die witte d5 pion kan slechts belangrijk worden, indien een van de twee zwarte pionnen op c5 of e5 geëlimineerd zou kunnen worden. En dat kan niet! Dat loperpaar van wit kan eigenlijk nauwelijks iets. En tot slot: de witte pionnen op c4 en e4 zijn aardige objecten om door zwart te worden aangevallen. Kortom, conclusie Euwe: “zwart heeft verreweg de beste kansen in deze, overigens ingewikkelde stelling].
14.Lc1-e3 b7-b6; 15.0-0 0-0; 16.a2-a4 a7-a5; 17.Ta1-b1 Lc8-d7; 18.Tb1-b2 Ta8-b8.



19.Tb2-f2 Dd8-e7; 20.Ld3-c2 g6-g5 [om straks Pf6-h5-f4 te kunnen spelen!]; 21.Le3-d2 De7-e8; 22.Ld2-e1 [hij wil naar g3] De8-g6; 23.Dd1-d3 Pf6-h5; 24.Tf2xf8+ Tb8xf8 25.Tf1xf8+ Kg8xf8; 26.Ld2-e1 `Ph5-f4! 27.Dd3-c2??? – een van de grootste blunders uit de WK-geschiedenis. Zwart speelt 27….Lxa4 en wit geeft op. [Het vervolg zou kunnen zijn: 28.Dxa4 Dxe4; 29.Kf2 Pd3+; enz., of 28. Db1 Lxd1; 29.Dxd1 Dxe4; enz.]. Hieronder de stand na de 27e zet van wit, zoals afgebeeld op de postzegel.



 

----------------------------------------------------------